“En dan bent u leraar…”

Een door ChatGPT gegenereerd plaatje wat laat zien hoe leraren vergelijken met CEO’s.

Leerlingen zijn soms net kleuters: ontzettend eerlijk. Dat is iets wat ik waardeer, want dat betekent dat ze zich veilig genoeg voelen om hun gedachten de vrije loop te laten (weet je nog: “meneer, u bent heel aardig, maar uw lessen zijn kut.”) Zo ook nu weer.

Ik geloof, mede door mijn kennismaking met systeemdenken in mijn master, enorm in systeemtheorie (zie Thinking in Systems: a primer van Donella Meadows voor een introductie). Deze noot is belangrijk, want alles wat hieronder komt, zie ik als een onderdeel van een systeem. Kort door de bocht: mijn leerling is onderdeel van het systeem klas, dat weer onderdeel is van het systeem school, dat weer onderdeel is van het systeem stad, dat weer onderdeel is van het systeem regio, etc. Binnen al deze systemen hebben alle systemen ook weer interactie met elkaar (dat maakt het complex) en beïnvloeden ze elkaar ook. Binnenkort komt er een uitgebreid stuk hierover (dus abonneer – oh sorry, verkeerd platform).

De afgelopen maanden valt het mij vaker op dat leerlingen het werk als docent niet hoog hebben zitten. Dat begon met een eerlijke opmerking van een leerling, die zich omdraaide en zei: “maar meneer, u bent toch klaar? Dit is het toch met uw carrière?” toen ik aangaf dat ik het soms wel lastig vind om aan m’n carrière te werken met een klein kindje in huis. Vervolgens, in een andere les, was er een leerling die zei: “meneer, u bent toch veel te slim om hier ons les te geven” toen ik vertelde dat ik aan een onderzoek over AI aan het werken was. Afgelopen vrijdag zei een leerling: “U heeft zoveel diploma’s, en dan gaat u ons lesgeven?!” nadat ik, op een vraag over wat ik gestudeerd had, mijn studieloopbaan had verteld. Deze opmerkingen zijn blijven hangen door twee redenen.

Allereerst valt het mij op dat de leerlingen een negatief zelfbeeld hebben geïnternaliseerd, al dan niet bewust. Want onze leraar, die niet buitengewoon veel anders heeft gedaan dan andere leraren, gaat ons toch niet lesgeven als hij zoveel andere dingen kan doen? Dit valt op door de woordkeuze die leerlingen hanteren wanneer we het hierover hebben. Interessant is het om dan te kijken welk systeem dit beïnvloedt en hoe we het systeem zo kunnen aanpassen dat ze uiteindelijk het kunnen omdenken naar een nieuwsgierigheid naar wat de leraar te bieden heeft.

Ten tweede, en dit is eigenlijk mijn hoofdgedachte, is het heel bijzonder hoe leerlingen denken dat leraren niet verder komen dan voor de klas staan. De meeste leerlingen vinden het een verschrikkelijk beroep (zegt ook wel iets over henzelf) en snappen niet dat mensen de keuze maken om dat te doen. Maar ze zien het ook niet als iets wat uitdagend is: je staat voor de klas en dat is het. Einde carrière. Als dát het vooruitzicht is, begrijp ik best wel dat we leerlingen niet kunnen prikkelen om leraar te worden. Gelukkig is het tij wat gekeerd, schrijft de PO-Raad (zie link), maar daarmee is het lerarentekort nog niet opgelost.

Ik wil zeker niet doen alsof we naar een land moeten waarbij het leraren regent bij BNR die allemaal vertellen over hun glansrijke carrière met dikke auto’s en grote huizen. Maar ik denk wel dat we ons best moeten doen om leerlingen te laten zien dat het onderwijs geen doodlopend pad is. En nee: eindigen als directeur-bestuurder is niet waar ik op doel, want dat zou voor niemand een doel moeten zijn (dan ga je toch alleen maar fuseren). Wat ik bedoel, is dat we als docenten meer moeten laten zien van wat we kunnen. We zijn vakexperts, managers, ouders, en soms zelfs een beetje een psycholoog. En we mogen leerlingen laten zien dat we daarnaast ook veel meer zijn: onderwijsontwikkelaars (we maken lessen), onderzoekers (we kijken wat het beste werkt), systeempsychologen (we bespreken hoe de klassendynamiek werkt en passen waar nodig aan). Sommigen van ons gaan promoveren en doen onderzoek, anderen worden ondernemers, en weer anderen influencers en gurus (mag je wat van vinden). En ook: sommigen worden gewoon hele goede leraren die heel gelukkig zijn in het leven zonder alles wat ik net heb opgesomd.

Een deel van de oplossing voor het lerarentekort zit ‘m hier: leerlingen die twijfelen over het beroep moeten zien dat er meer in kan zitten dan alleen het lesgeven, zodat leerlingen zien dat de carrière echt niet stopt voor de klas. Want het gevoel dat het een doodlopende weg is waar je tot je 75e hetzelfde riedeltje moet doen, is inderdaad geen uitnodiging om het beroep te kiezen.

En, lieve leerlingen, als jullie dit lezen: ik hoop dat jullie wat geïnspireerd kunnen raken door alles wat ons mooie werk kan bieden.

Volgende
Volgende

De ongemakkelijke positie van de CITO Kijk- en Luistertoets